Dikke oma

Ze zette me als haar pronkstuk op haar toonbank, want ik was haar eerste. Links van ons het snoeprek, waar ze gretig in greep en me verwende.

Ze sopte me van top tot teen in met Sunlight zeep in de kleine wasbak in haar keuken. Zeep prikte in mijn ogen en neus, mijn huid tintelde door het grove washandje waarmee ze mijn rug schuurde.

Ze schonk me volle melk uit een plastic fles met een rode dop – ‘Inza’. Ik vond het vreselijk vies maar durfde het niet te zeggen.

Ze stopte me zó strak in onder een stijf gestreken wit laken en een zware wollen deken, dat ik me niet meer kon bewegen.

Ze hees me als een pop in een wit kanten jurkje dat nog van mijn tante was geweest. Ik liet haar maar, ze keek zo trots naar me.

Ze sneed een extra dikke plak Viennetta-ijs voor me af en fluisterde in mijn oor: ‘Niks tegen de anderen zeggen’. [1]

Ze informeerde altijd of ik nog wat wilde eten [2], ook al had ik net twee stukken vlaai op. Het antwoord wachtte ze nooit af, ze gaf je gewoon nog wat.

Ze zei glunderend: ‘Ik heb wat voor je’ [3], toen ik haar vertelde over mijn eerste vriendje. Schaterend van het lachen gaf ze me een vingercondoom.

Ze vroeg zich verontwaardigd af waarom ik nou persé in Holland moest gaan studeren en ‘helemaal daar boven in Utrecht’ bleef wonen. ‘In Maastricht hebben ze toch ook jongens?’ [4]

Ze wees fronsend naar de piercing van mijn allerliefste en vroeg hem: ‘Waarom heb jij een oorbel aan je ogen?’ [5]

Ze gaf ons elk jaar met Kerstmis een goed gevuld envelopje, ook toen we allang groot waren.

Ze las in de krant vooral de rouwadvertenties en zei dan met lichte verbazing: ‘Nu hoor eens wie er dood is!’ [6]

Ze herkende me niet meer. Met een onbevangen, nieuwsgierige blik keek ze me recht aan en merkte vrolijk op: ‘Goh wat heb jij een lieve snoet’. [7]

Het waren de laatste woorden die ze tegen me zei. Ik voel me dankbaar.

Dag Dikke oma, dank je wel dat je mijn oma was.

Jeannette Rompelberg – Deckers
20 april 1922 – 13 februari 2021


[1] Zèk mèr niks tege de res

[2] Moste nog get höbbe?

[3] Iech höb get veur diech

[4] In Mestreech höbbe ze toch ouch jonges?

[5] Boerum höbs diech un oerbel aon dien uigskes?

[6] Noe huur eins wee doed is!

[7] Geleutege wat höbs diech un leef snoets

Eén reactie op “Dikke oma

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *